Voor het leven met kinderen. En alles daaromheen.

Akkoord over het belastingplan: dit moet je als gezin met jonge kinderen weten

·Tim Vasse
Ouder rekent aan de keukentafel de huishoudkosten door met een rekenmachine

D66, VVD en CDA zijn het sinds maandagavond eens over het belastingplan voor volgend jaar, meldt de NOS. Dinsdagochtend zei premier Jetten na een extra ministerraad dat het kabinet extra investeert in koopkracht en veiligheid, schrijft het Reformatorisch Dagblad. Als je een gezin met jonge kinderen hebt, wil je vooral weten wat dat in 2027 op je rekening doet. Daar is nog geen volledig antwoord op. De precieze plannen zou het kabinet later op dinsdag openbaar maken, en veel regelingen voor ouders lopen via een ander spoor dan dit akkoord.

Wat er nu vaststaat en wat niet

Het akkoord is een afspraak tussen de drie coalitiepartijen, geen wet. Het minderheidskabinet heeft vooraf geen steun geregeld in de Tweede of de Eerste Kamer. Woensdagavond begint het debat in de Tweede Kamer, en daarna moet ook de Eerste Kamer instemmen. Partijen kunnen in dat debat nog wijzigingen voorstellen.

Jetten noemde koopkrachtherstel en betere regelingen voor chronisch zieken als punten voor links, en lagere accijnzen als punt voor rechts. Bedragen stonden daar in de berichten van dinsdagochtend niet bij. Volgens het Reformatorisch Dagblad is dit al de derde herziening van het plan en sluit Jetten verdere aanpassingen niet uit. Alle cijfers hieronder zijn dus de laatst bekende stand van vóór dit akkoord, met de datum erbij.

Als je werkt: arbeidskorting en belastingtarief

Dit is het deel dat echt in het belastingplan zit. In de versie van oktober gaat de arbeidskorting met 133 euro omhoog, 40 euro minder dan in september was voorgesteld. De tarieven van de eerste en tweede schijf gaan met 0,06 procentpunt omlaag, en het toptarief begint in 2027 bij 80.578 euro in plaats van 78.426 euro.

Die arbeidskorting krijg je alleen over inkomen uit werk en per persoon. Werken jullie allebei, dan telt de verhoging voor jullie allebei. Ben je alleenstaande ouder of werkt een van jullie niet, dan komt er minder binnen. De Tweede Kamer vroeg bovendien om een aanpassing zodat werken meer gaat lonen, en juist daar kan het akkoord van maandag iets aan hebben veranderd.

Kinderbijslag en kindgebonden budget

Hier zit de grootste onzekerheid voor ouders. Op Prinsjesdag kondigde het kabinet een extra verhoging van de kinderbijslag aan van ongeveer 90 euro per kind per jaar. Een Kamermeerderheid vroeg daarna om een ander voorstel, de minister wilde het wetsvoorstel intrekken, en op 13 oktober stond de verhoging nog niet vast. Reken er dus nog niet op.

Bij het kindgebonden budget stijgen de bedragen per kind volgens het voorstel van september per saldo met 73 euro per jaar. Dat is de uitkomst van een verlaging van 63 euro en de inflatiecorrectie. Tegelijk verlies je sneller budget bij een hoger inkomen. Boven een gezamenlijk inkomen van 61.917 euro gaat er in 2027 9,95 euro af per 100 euro extra inkomen, en vanaf 2028 12,80 euro. Het verschil tussen beide regelingen is dus ook het verschil in wie erop vooruitgaat. Kinderbijslag krijg je los van je inkomen, het budget hangt af van je inkomen en vermogen.

Let ook op de vermogensgrens. Wie op 1 januari 2027 meer dan 119.122 euro aan spaargeld of beleggingen heeft (158.748 euro met partner), krijgt volgens hetzelfde voorstel geen kindgebonden budget en geen zorgtoeslag meer.

Kinderopvang loopt via een eigen spoor

De opvang is voor zover nu bekend geen onderwerp van het akkoord van maandag, maar voor veel ouders wel een grote post. De Rijksoverheid meldde in september dat er in 2027 322 miljoen euro extra naar de vergoedingspercentages gaat, en dat werkende ouders tot een gezamenlijk inkomen van ongeveer 72.000 euro de hoogste vergoeding krijgen. De maximale uurprijs voor de dagopvang gaat van 11,23 naar 11,60 euro, voor de bso van 9,98 naar 10,31 euro en voor de gastouder van 8,49 naar 8,77 euro.

Die verhoging is kleiner dan eerder was beloofd, en ligt jouw uurtarief boven het maximum, dan betaal je dat verschil zelf. Hoe dat per gezin uitpakt, lees je in ons stuk over wie gaat bijbetalen. De grote omslag, een vergoeding die niet meer van je inkomen afhangt, staat pas voor 2029 op de planning.

Zorg, tanken en spaargeld

Het ministerie van VWS raamde in september een gemiddelde zorgpremie van 2.029 euro per jaar in 2027, tegen 1.879 euro in 2026. Het eigen risico gaat van 385 naar 400 euro. De echte premies zijn er uiterlijk 12 november, en DSW maakte zijn premie al bekend.

Heeft iemand in je gezin hoge zorgkosten, houd dan de aftrek specifieke zorgkosten in de gaten. Die blijft in 2027 bestaan en stopt volgens het plan van september in 2028. Een uitgewerkt alternatief lag er in oktober nog niet, en Jettens betere regelingen voor chronisch zieken zijn op dit moment alleen een aankondiging.

Wie veel kilometers maakt met de auto, heeft te maken met de korting op de brandstofaccijns. Die loopt in de oktoberversie door in 2027, wordt in 2028 deels afgebouwd en eindigt in 2029. De nieuwe belasting op vermogenswinst in box 3 schuift volgens ingewijden een jaar op, naar op zijn vroegst 2029. De Raad van State adviseerde uitstel tot zeker 2030.

Wat je nu al kunt doen

Zet de 133 euro en de 90 euro nog niet in je begroting voor volgend jaar. Wordt het plan weggestemd, dan heeft dat volgens de NOS grote gevolgen voor belastingbetalers en de schatkist, en ook een aangenomen plan kan er anders uitzien dan nu. Vaster staan de kinderopvangbedragen van de Rijksoverheid, en over ruim een week weet je wat jouw zorgpremie wordt.

Spaar je flink of heb je beleggingen, kijk dan vóór 1 januari hoe je staat tegenover de vermogensgrens. En zoek je intussen ruimte in je budget, dan kun je alvast kijken naar een paar vaste boodschappentrucs. Ben je ook bezig met een noodvoorraad voor je gezin, spreid die dan over een paar maanden, dat voel je minder in één keer.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Verder lezen