DINGEN DIE IK NIET ZEG WAAR MIJN DOCHTER BIJ IS

Niemand is perfect, we maken allemaal fouten, zeggen lompe dingen, voelen ons niet lekker in ons vel en reageren niet even handig in bepaalde situaties. Maar als moeder van meisje, met een tweede meisje onderweg, die op dit moment een feestje in mijn buik houdt zijn er wel heel wat dingen die ik bewust niet hardop zeg. Wat ik ook denk, hoe ik me ook voel – ik weet dat zij dingen onthoudt, verwerkt en de basis van haar persoonlijkheid elke dag weer een stukje bij beetje wordt gelegd. Straks heb ik twee vrouwen die ik de wereld in stuur en daarom doe ik mijn best om ze zo goed mogelijk voor het leven voor te bereiden. Daarom zijn er dingen die ik nooit waar zij bij zijn zal zeggen.

  1. Schelden!
    Haha, laten we luchtig beginnen, want dit is gewoon niet waar. Tenminste, was niet waar. Nog voordat ik wist dat ze het kon uitspreken viel Elena en reageerde met een doffe “fuck” terwijl ze opstond. Erger nog, toen ze net uit luiers was kon ze fuck perfect in een zinnetje gebruiken, en was het al gauw “fucking pop”, en “what the fuck.” Wij probeerden het te negeren en er zelf mee op te houden, maar zij bleef het nog gebruiken tot ik moest ingrijpen. Na uitleg dat het geen nette woord is en paar waarschuwingen om het haar af te leren was het gelukkig wel voorbij, en een les voor ons jonge ouders – niet schelden waar de kinderen bij zijn, ze leren het veel sneller dan je denkt!
  2. Dat lus ik niet!
    Als ik ergens een hekel aan heb is het kinderen die van te voren roepen dat ze iets niet lusten of lekker vinden, terwijl ze geen idee hebben wat het is. En geloof me, ik heb met kinderen gewerkt en kreeg dit zo vaak te horen dat ik mezelf toen al beloofde dat mijn kind zo niet mag zijn. Mijn vriend eet alles, van zijn kant moest ik me hier geen zorgen over maken, maar ik kan wel kieskeurig zijn met wat ik eet, hoeveel ik eet, waar ik eet en wat ik over eten zeg. Dit is natuurlijk erg puberaal en ik weiger om me zo te gedragen waar mijn kind bij is. Iets niet lusten kent zij niet, en we eten alle drie hetzelfde. Ook koken we gevarieerd en gaan we regelmatig uit eten, waardoor ze sla, sushi en alles tussenin gewoon met ons mee-eet. Als ze iets proeft en ze vindt het niet lekker, dan mag ze zonder eten naar bed, krijgt ze geen vervangend eten, en dat begrijpt ze. Ik ben ook niet zo streng, ze kan bijvoorbeeld geen grote stukken ui wegkrijgen en dat snap ik, en paprika vindt ze verschrikkelijk, wat ik ook accepteer. Maar ik blijf het gewoon aanbieden. Bij gevulde paprika’s mag ze bijvoorbeeld de vulling opeten en paprika laten staan, al probeer ik haar elke keer weer een hap te laten nemen. De regel is dan ook eerst proeven en als je het echt niet lekker vindt mag je het laten staan, maar niet eerst roepen dat je het niet lekker vindt zonder te weten wat het is.
  3. Het is niet eerlijk.
    Niet dat het niet waar is, soms is het leven nou eenmaal niet eerlijk, maar het hardop zeggen is zo negatief en doet denken dat je niks aan de situatie kunt veranderen, en dat is gewoon nooit waar. Ik ben niet iemand die snel medelijden met mensen heeft, en vind dat je voor alles wat je in je leven wilt bereiken moet vechten. Keihard werken, slim zijn, problemen oplossen, elke dag weer je best doen en tegenslagen waar je niks aan kunt doen van je pad wegwerken. Mensen die van een negatieve situatie iets positiefs weten te creëren inspireren me, en ik hoop vanuit het diepste van mijn hart dat ook mijn dochters zo in het leven zullen staan.
  4. Dat is voor jongens/meisjes.
    Kinderen zijn kinderen en of ze nou met poppen of auto’s wil spelen, ik vind het prima. Ik merk wel dat ze een echte meisjes meisje is en alles wat roze, paars en in glitter gedipt is prefereert, maar daar kan ik mee leven, zolang het haar beslissing is en ik niet degene ben die voor haar bepaalt wat ze leuk vindt. Zo had ze een Cars fase en was ze fan van Mater, speelt ze graag voetbal en basketbal met haar papa, en draagt ze soms liever jongenskleuren dan fuchsia. Maar, in alle eerlijkheid zou ze het liefst elke dag in jurkjes rondlopen en als een prinses verkleed naar school gaan, wat ik eigenlijk ook prima zou vinden als het nu niet zo koud was. Ze is een meisje, maar wat mij betreft mag ze in een blauwe zwembroekje rondrennen tot ze de puberteit bereikt. En dat geldt ook voor de tweede dame dat nog steeds alle kanten op danst in mijn buik. En als ik jongens had liet ik ze net zo makkelijk met poppen spelen, als zij daar zin in hadden. Hetzelfde geldt ook voor activiteiten, muziek, kleding, wat dan ook, niks is alléén voor jongens of meisjes, alles is voor ons allemaal en ik ben mijn kind niet van plan in een ontwikkelingsfase te belemmeren omdat ik het raar vind of bang ben dan iemand anders er moeite mee heeft.
  5. Vooroordelen over andere vrouwen.
    Wij vrouwen kunnen soms echt krengen zijn. Niet eens naar iemand die het volgens ons verdient, maar naar andere vrouwen toe, vrouwen die we niet kennen, niks met ons te maken hebben en ons commentaar absoluut niet nodig hebben. Ik zal heel eerlijk zijn, regelmatig heb ik mijn mening over een andere vrouw klaarstaan, of het nou om een beroemdheid op tv gaat, of een vrouw die op straat langs me loopt, om één of andere reden vind ik het nodig om haar op haar kleding, haar, make-up, houding, gedrag of wat ze op dat moment zegt te beoordelen. Waarom? Ben ik niet gelukkig met mijzelf, vind ik dat ik het beter doe? Ik weet het niet, maar waar ik wel mee ben opgehouden is dit uit te spreken. Ik zal nooit meer tegen een vriendin iets negatiefs zeggen over een vrouw die langs ons loopt, ik heb geen commentaar meer op vrouwen op tv, en ik laat mensen in hun waarde. Want wat ik ook denk, het is een vooroordeel. Ik heb geen idee hoe het werkelijk zit en wil mijn kind niet leren dat het ok is om vooroordelen over andere vrouwen klaar te hebben staan omdat zij er niet beter op wordt en het enige wat ze zou kunnen bereiken is iemand – die het niet verdient – te kwetsen. Natuurlijk geldt dit voor alle soorten vooroordelen en naar alle mensen toe, maar met name voor vrouwen is dit belangrijk. We hebben maar al te vaak een gebrek aan zelfvertrouwen en ik wil dat Elena naar zichzelf kijkt, gelukkig, sterk en zelfverzekerd wordt en geen behoefte heeft aan iemand anders de grond in trappen. Aan de andere kant zal ze zo ook leren dat er vrouwen zijn die het nodig vinden om vooroordelen uit te spreken en dat dat veel meer over hun zegt dan wat ze (tegen haar) zeggen.
  6. Kritiek op mezelf.
    Ook belangrijk bij het opvoeden van een zelfverzekerd persoon, ik zal niet negatief zijn over mezelf waar zij bij is. Hoe slecht ik me op dat moment ook voel, wat ik ook lelijk aan mijn lichaam vind, waar ik ook onzeker over ben, zij hoeft dat niet mee te krijgen. Ik neem  mijn beslissingen niet in twijfel waar zij bij is, en ik verontschuldig me niet voor dingen de niet mijn schuld zijn. Ik loop met een opgeheven hoofd, zoals ik ook wil dat zij straks rondloopt. Niet dat ik geen slechte dagen heb, niet dat probleemgebieden met kleding en make-up probeer te verbergen, niet dat ik mijn beslissingen met haar vader niet bespreek, maar zij hoeft mijn onzekerheid, kwetsbaarheid, besluiteloosheid en angsten niet mee te krijgen. Ik zeg niet dat ik er te dik uitzie in een jurk, ik zeg niet dat ik mijn neus te groot vind, want ik wil niet dat zij straks voor de spiegel staat en deze dingen ook bij zichzelf in twijfel neemt. Toen ik een tijdje terug make-up opdeed rende ze naar me toe en zei ze dat ze lippenstift nodig had om er mooi uit te zien en mijn hart brak een beetje. We liepen allebei de deur uit zonder make-up, want we hebben het niet nodig. We zijn al mooi.
  7. Ik kan dat niet.
    Zoals ik al aangaf heb ik enorm veel respect voor mensen die nooit in een situatie komen waar ze geen uitweg zien. Niks is onmogelijk, hard werken doet wonderen, en er is niks wat mama niet kan. Dat is wat ik wil dat ze van mij meekrijgt, en dat is hoe zij later succesvol en compleet gaat zijn. Een capabel individu, een sterke vrouw die haar mouwen weet op te rollen en in elke situatie weet wat ze moet doen. Ze vraagt mij weleens dingen die ik niet kan, met name nu ik hoogzwanger ben, maar ik neem elke keer de tijd om haar uit te leggen hoe we dat gaan aanpakken en waarom we het op die manier gaan doen. Soms neem ik zelfs de tijd en zeg ik dat ik er straks op terugkom, omdat ik er even over moet nadenken, maar we komen er altijd uit.
  8. Daar hebben we geen geld voor.
    Of eigenlijk, alles wat met financiën te maken heeft. Ik weet dat ik me als klein meisje hier heel erg zorgen om maakte, en hoe naar dat voelde. Kinderen hoeven en mogen niet met grote mensen problemen opgezadeld worden, want dat is iets waar ze niks aan kunnen doen, en zich slechts zorgen om kunnen maken. Dat gevoel van onmacht en angst doet niks goeds voor haar, en wanneer ze de zoveelste ding in een winkel wil hebben zal ik niet zeggen dat we daar geen geld voor hebben om haar stil te krijgen. Ik leg haar liever uit dat ze thuis genoeg heeft, en dit niet nodig is. Het enige wat zij weet is dat je van werken geld krijgt, maar geld heeft voor haar geen waarde en dat blijft tot ze gaat puberen (en alléén maar dure dingen wil hebben, dat wordt een hele nieuwe hoofdstuk)
  9. Slechte dingen over haar papa.
    Dat kleine meisjes verliefd zijn op hun vaders is in ons geval overduidelijk. Papa is haar held, en omdat hij veel werkt ziet ze hem veel minder dan ze zou willen, maar is ze elke keer dolblij als hij thuiskomt. De laatste weken van mij zwangerschap brengt hij extra veel tijd met haar door en wordt hun band alleen maar sterker. En ik ben blij met de man die ik heb gekozen, ik ben trots op ons samen opgebouwde leven en onze kinderen, maar dat betekent niet dat ik niet compleet gek van hem kan worden. Kleine ruzies, irritaties, frustraties en confrontaties krijgt zij niet echt mee, tenzij ik echt boos word. Ze zal dan ook snel mij stil proberen te krijgen, en vaak lukt dat ook wel, onze discussies maken we dan af als zij naar bed is. Wat ik echter nooit zal doen is hem beledigen, uitschelden of belachelijk maken. Zeggen dat papa stom of stout is, dat gaat niet gebeuren. Ze mag best weten dat ik boos op papa kan worden, maar ze moet weten dat ik hem respecteer, dat wij conflicten kunnen oplossen en dat wij beiden haar ouders zijn die van haar houden.
  10. Mannen kunnen beter… 
    Helemaal niks! Alles wat een man kan, kan een vrouw ook! Ze zal als vrouw nooit minder dan een man zijn en mocht ze ooit het gevoel hebben dat iemand daar anders over denkt hoop ik dat ze van de vorige 9 punten genoeg heeft geleerd om hier mee om te kunnen gaan. Sommige mannen zijn misschien lichamelijk sterker, maar voor Elena is het bijvoorbeeld normaal dat ook mama verft, en papa ook kookt en schoonmaakt. Sinds ik zwanger ben is het een spelletje geworden en zeg ik regelmatig dat meisjes alles kunnen wat jongens ook kunnen, alléén kunnen ze ook baby’s maken!

Comments

comments

Heb je dit al gelezen?

Recente berichten